Laden Evenementen

« Alle Evenementen

Boy Edgar Memorial Concert

12 april 2026 ---15:00 - 17:00
€20

Boy Edgar, pseudoniem van George Willem Fred Edgar, was een Nederlands jazzdirigent, pianist en trompettist. Hij was tevens een verzetsman die tijdens de Tweede Wereldoorlog Joodse kinderen redde en is na de oorlog als arts gepromoveerd op een onderzoek naar multiple sclerose. Hij was enige tijd huisarts in Duivendrecht. Op 8 april 1980 overleed hij.

Musici Boy Edgar Memorial Concert

Hans Mantel – bas            Rob van Bavel – piano        

Hans Mantel: Sinds 1977 als bassist actief in Europa en daarbuiten met talrijke tournees naar de VS, het Midden-Oosten, Oost Europa, Afrika, India en Zuid-Oost Azië. Als sideman ruim twintig platen opgenomen met Amerikaanse en Europese jazzsolisten. Gedurende de afgelopen twintig jaar actief geweest als begeleider van talloze jazzgrootheden waaronder Wynton Marsalis, Herb Ellis, Art Blakey, George Benson, Ray Bryant, Chuck Mangione, Roy Hargrove, George Duke en John Scofield.Tijdens het North Sea Jazz Festival opgetreden met o.a. The Wynton Marsalis Quartet en The Clark Terry Sextet, Stanley Turrentine, John Scofield, Jim McNeely, Frank Foster en James Moody, Benny Green, Ron McCroby, Bunky Green en vele anderen. In november 1999 eerste CD-project als leader: ‘Fat Chance’. Het volgende jaar trad de band onder de naam The Hans Mantel Group met veel succes op tijdens het North Sea Jazz Festival in Den Haag. In 2004 opnames met een trio olv George Duke en in 2006 concertopnames met kwartet olv John Scofield.Vanaf 2000 veel jaarlijkse tournee’s naar Verenigde Staten, Afrika, India en het Verre Oosten als leader en als sideman. Actief als sidemen op concerten en opnames met internationale solisten en als leider van workshops en clinics en lezingen aan professionele muziekinstituten en universiteiten door heel Europa, India en het Verre Oosten.

Levensloop Boy Edgar

Edgar groeide op in Amsterdam als zoon van een koopman in Indische producten. Zijn vader was van Armeense afkomst, zijn moeder was Indisch. Aanvankelijk ging het de familie Edgar voor de wind. Tijdens zijn jeugd kon Edgar al enkele malen Nederlands-Indië bezoeken. Tijdens de economische crisis in de jaren dertig ging het bedrijf van de familie Edgar echter failliet. Zijn vader overleed in 1935 en liet het gezin in armoede achter.

Op de middelbare school kwam Edgar voor het eerst in aanraking met de jazzmuziek. Hoewel hij geen enkele muzikale opleiding had gehad, slaagde Edgar erin zichzelf arrangeren en piano- en trompetspelen te leren. In 1932 begon hij met zijn opleiding medicijnen aan de Universiteit van Amsterdam. Hij trad veel op om zijn studie te kunnen betalen. In 1935 nam Edgar in de Haagse GTBstudio een aantal nummers op, waaronder In the Mood for Love. In 1936 won hij in Brussel een prijs voor amateursolisten en een jaar later werd hij lid van het Haagse ensemble The Moochers. In 1939 werd hij leider van dit ensemble, wat hij bleef totdat de Duitse bezetter jazzmuziek verbood.

Tijdens de oorlog trouwde hij met Mia Frenk, de Joodse dochter van Eli Frenk en Agnes Bushnach, en samen namen ze deel in het ondergrondse verzet om Joodse kinderen te redden van deportatie. Tijdens de oorlog deed hij zijn artsexamen. Edgar componeerde ook muziek voor orkesten die nog wel mochten optreden.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Edgar kort gevangengezet, omdat hij weigerde als militair mee te gaan naar Nederlands-Indië. De eerste jaren na de oorlog trad hij verder op als pianist in verschillende Europese landen.

In 1955 promoveerde Edgar op een proefschrift naar processen in het zenuwstelsel bij multiple sclerose, een ziekte waar zijn vrouw op dat moment al aan leed. Om zich volledig op zijn wetenschappelijke loopbaan en op de verzorging van zijn vrouw te kunnen richten, stopte Edgar enige tijd met muziek maken. In 1958 overleed zijn vrouw. In 1960 hertrouwde hij met Ida Lengtat (met wie hij twee kinderen kreeg) – daarmee kwam er weer ruimte voor jazz.

Eind 1960 trad Edgar voor het eerst weer op. In eerste instantie was dit eenmalig, maar de reacties waren zo enthousiast dat de VARA besloot maandelijks een concert van Edgar en zijn Boy’s Big Band uit te zenden. Edgar was inmiddels hertrouwd en directeur van het neuropathologisch laboratorium ‘Meer en Bosch’ in Heemstede.

Edgar maakte in deze periode enkele langspeelplaten, won een Edison en trad regelmatig op met internationale sterren op radio en televisie. In 1964 kreeg hij de Wessel Ilcken Prijs. Het artistieke hoogtepunt was midden jaren zestig. Boy’s Big Band nam de lp’s Now’s the Time (1965) en Finch Eye (1966) op. In oktober 1966 vertrok Edgar echter naar de Verenigde Staten om daar aan enkele universiteiten les te gaan geven en verder onderzoek te doen. Hij bleef drie jaar in de Verenigde Staten en kwam in 1969 weer terug.

Terug in Nederland werd hij huisarts in Duivendrecht en de Bijlmermeer. Edgar kon zijn werk als arts en de jazz niet meer goed combineren. Zijn Big Band, die tijdens zijn afwezigheid al uit elkaar was gevallen, werd in 1971 definitief opgeheven. In de jaren zeventig dirigeerde Edgar nog wel de groep Boy Edgar Sound.

Gerrie van der Klei was enige tijd zijn partner.

Eind 1979 stopte hij met zijn huisartsenpraktijk. Korte tijd later overleed hij op net 65-jarige leeftijd. Als eerbetoon werd de Wessel Ilcken Prijs, die hij in 1964 had gewonnen, in 1980 tot Boy Edgarprijs omgedoopt. Deze prijs kan beschouwd worden als de voornaamste in de Nederlandse jazzwereld.

In 2018 kreeg Edgar postuum de onderscheiding van Yad Vashem voor zijn hulp aan Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog.[1] In Amsterdam liggen de Boy Edgarstraat (Slotervaart) en Boy Edgarbrug (Zuidoost).

Gegevens

Organisator

Locatie